Korte geschiedenis van de mijnbouw in Zuid-Wales

De Limburgse steenkoolindustrie speelt in de 20e eeuw een belangrijke rol in de energievoorziening van ons land. Maar de mijnindustrie is geen exclusief Belgisch gegeven. Steenkool komt over de hele wereld voor. Zowel in Europa, Rusland, Verenigde Staten, China, Zuid-Amerika, Afrika en Australië was of is er steenkoolontginning.

Kaart Engeland

In de 19e en 20e eeuw was steenkool de motor van de economie en de meeste Europese steenkoolregio’s kennen een vergelijkbare evolutie: een steile opgang in de 19e eeuw gevolgd met een stagnatie en neergang in de loop van de 20e eeuw. Vanaf de jaren 1960 is het succesverhaal van de steenkool definitief ten einde en worden in Europa meer en meer mijnen gesloten.

In Groot-Brittannie werd zowel in Engeland, Schotland als Wales steenkool ontgonnen. De mijnontginning groeide er uit tot een grootschalige industriesector. Al in de Romeinse tijd en de middeleeuwen werd er in Wales op kleine schaal steenkool ontgonnen, maar het is vooral na de Industriele Revolutie dat de steenkoolontginning een enorme boost kreeg. In de loop van de 19e eeuw werden in Zuid-Wales meer en meer diepe mijnen geopend en op het einde van de 19e eeuw was Zuid-Wales uitgegroeid tot 1 van de belangrijkste kolenregio’s ter wereld. In die periode stelde de mijnindustrie zo’n 10% van de Welshe bevolking te werk. In 1913 is de tewerkstelling in de mijnindustrie in Zuid-Wales opgelopen tot bijna 250.000 mijnwerkers en werd er jaarlijks bijna 57 miljoen ton steenkool bovengehaald in meer dan 600 mijnen. Ook de omgeving veranderde drastisch: samen met de groeiende tewerkstelling ontstonden er mijndorpen – veelal in de vorm van rijwoningen en kwam er een sociaal netwerk in de mijngemeenschappen tot stand.

Na een tijdelijke nationalisatie ten gevolge van de Eerste Wereldoorlog kwam de Welshe mijnindustrie in de jaren 1920 een eerste maal in de problemen en veel kleinere mijnmaatschappijen deden de boeken toe. Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog nam de staat nogmaals de steenkoolindustrie over en direct na de oorlog nationaliseerde de Labourregering de mijnindustrie. Hiervoor werd in 1947 de National Coal Board opgericht. Daaraan gekoppeld werden middelen vrijgemaakt om de steenkoolindustrie te moderniseren: er werd geïnvesteerd in betere machines en de aandacht voor veiligheid nam toe.

Maar de neergang was niet tegen te houden. Vanaf 1955 werden steeds meer mijnen gesloten en alleen al in Zuid-Wales gingen in de jaren 1960 meer dan 70 mijnen dicht. Niet omdat de kolenvoorraden uitgeput raakten, wel omwille van de rendabiliteit: de concurrentie met goedkope olie en de import van goedkopere steenkool was niet meer haalbaar. Ondanks een kleine opflakkering als gevolg van de oliecrisis in de jaren 1970 ging het in de jaren 1980 naar een bijna volledige stopzetting van de steenkoolnijverheid.

Het massale protest van de Britse mijnwerkers – in 1984 legden de Engelse mijnwerkers zelfs een jaar lang het werk neer- veranderde daar niets aan. In 2008 sloot de laatste Welshe diepe mijn de deuren en in 2015 ging met de sluiting van de Kellingley Colliery in Yorkshire de laatste Britse mijn dicht. (Bron: Images of the South Wales mines, David Bellamy, 1993)

Praktisch : deze fototentoonstelling maakt deel uit van de permanente museumtentoonstelling en is inbegrepen in het toegangsticket. Info en prijzen: klik hier.

facebooktwitter